29 - 10 - 2020
IJsvogel Oktober 2018 (Nel Appelmelk)
Artikelindex
Bezoekers teller vanaf de 16de december 2018
VandaagVandaag34
GisterenGisteren87
Deze weekDeze week235
Deze maandDeze maand1753
Alle dagenAlle dagen40662
Taal/ Language/ Langue /Sprache

Paragraaf index

3a Silvolse korn Mullen met twee gebynd

Geschiedenis van de molen

De Zilvense korenmolen wordt voor het eerst in 1584 genoemd. Dan blijkt de molen tijdens een inval van de Spanjaarden op de Veluwe door toedoen van Staatse troepen in vlammen te zijn opgegaan. De eigenaar van de molen Gerrit Hackfort, die ook bezitter was van het kasteel Terhorst, krijgt in 1592 hiervoor een schadevergoeding.

3a kaart van Gelder 1660

Op een kaart uit 1660 is deze molen ook ingetekend als “Silvolse kornmullen met twee gebynd”.

In een proces van 1663 wordt gezegd, dat op de Zilvense beek van oudsher een korenmolen heeft gelegen met twee "glinten”. De betekenis van het woord "glint” is hier niet helemaal duidelijk. Men zou er uit op kunnen maken, dat de molen destijds werkte met 2 raden. Het kan ook "gebinten” betekenen.

In het bovengenoemde proces lezen we verder, dat in de onderbeek van deze korenmolen een andere waterloop uitkwam, die de "Moerbeecke” (Morenbeeck, Morrebeck) of ook wel de "Bruijtbeeck” heette. De oude loop van deze Bruisbeek is bekend maar de loop van de genoemde onderbeek, laat staan de bovenbeek, is tegenwoordig niet meer terug te vinden. Een verloren beek dus. Daarom weten we de plek van deze oude molen ook niet meer.

Toch is er nog steeds sprake van een Zilvense korenmolen, die later het “Molenhuis” genoemd werd. Zie paragraaf 3b voor informatie en locatie van deze molen.

In het werk van Reinier Hardonk  (zie Bron 2) staat een kort verhaal over de “Silvolse kornmullen met twee gebynd”. Het lijkt erop dat Hardonk deze molen verwart heeft met de latere Zilvense molen (Het Molenhuis). Hardonk beweerde dat de watertoevoer voor de Zilvense molen oorspronkelijk zou zijn geschied door in de Dalenk gegraven sprengen. De Dalenk ligt echter zuidelijk van het mosterd- en snuiftabak molentje aan de Bruisbeek (voorheen Morrebeek) en dat is in tegenspraak met de oude kaart die van Gelder in 1660 gemaakt heeft.

In "op kracht van stromend water" (zie Bron 3) heeft Herman Hagens zijn twijfels aan de aanname van Hardonk ook al geuit. Herman Hagens veronderstelde dat de oude Silvolse kornmullen na enige tijd niet meer aanwezig was en dat de latere Zilvense korenmolen een opvolger geweest kan zijn.

Het is verder aannemelijk dat de oude Silvolse kornmullen weinig bestaansrecht had om op de oude locatie te worden herbouwd. Daar vlak in de buurt bij de Bruisbeek was namelijk een mosterd- en snuiftabakmolentje. Die molen had weinig waterkracht nodig want de meeste tijd ging in het voorbereiden van de tabak zitten (zie paragraaf 32) en het eigenlijke maalwerk was minimaal. Er zal daar dus misschien weinig verval geweest zijn. Maar er is meer aan de hand geweest en dat heeft naar alle waarschijnlijkheid met de brand in 1584 te maken gehad. De molen moet op een andere plek zijn herbouwd en heeft zijn oude naam behouden, wat waarschijnlijk tot verwarring heeft geleid.

In 1630 heeft Bernt Lamberts de "Water Meulen gelegen in den Ampte van Apeldoorn Burschap Silvolden” voor 100 gulden per jaar gepacht van Olivier Hackfort. Er is dan sprake van het timmeren van een nieuwe molen, die de pachter "op sine kosten unde lasten” heeft doen optrekken.

De bouw van een nieuwe molen was noodzakelijk geworden, doordat de Spanjaarden in 1629 bij hun invasie op de Veluwe de "corn Mulen tot Sijlvolden” totaal verbrand en "verdestrueert” hadden. Hier is dus voor de tweede keer een Zilvense korenmolen in brand gestoken.

De eerste keer rond 1584 en dat zou dan de “Silvolse kornmullen met twee gebynd” geweest zijn. Op een nieuwe locatie is daarna de Zilvense korenmolen, die het water uit de Dalenk verkreeg gebouwd. Deze molen is daarna in 1629 ook verbrand maar wel weer opnieuw opgebouwd.

Bij Zilven (zie ook de waterval van de Hunekamp) was er erg veel verval en de condities voor een molen zichtbaar beter. Dus de verhuizing na de brand van 1584 had zeker zin.

waterval Hunekamp

Watervalletje in de beek bij de huidige wasserij "De Hunekamp", Imbosweg 30, Loenen, buurtschap Zilven aan de in 1665 gegraven hooggelegen sprengen in Zilven.
De waterval geeft nog de hoogte aan van het verval. Opname R. Hardonk 30 augustus 1949.

Geografische positie en bereikbaarheid

3a uitsnede loenensebeek   namen

Overzicht van de molenlocaties in een Provinciale kaart uit 2007

 

3a moerman uitrsnede terhorst 4a

Alleen de kaart uit 1660 van H. van Gelder geeft een indicatie van de locatie.Uitsnede van een reproductie van deze kaart door Moerman van het gebied

 

3a loenen 1660 topo uitsnede

Kaart van 1660 gelegd over een huidige topografische kaart - Hans van Eekelen

Huidige situatie

Onbekend.

Bouwgeschiedenis (evt. tijd en reden voor afbraak)

In 1594 door Staatse troepen in brand gezet en waarschijnlijk niet meer herbouwd.

Erfgoed ontwikkelings potentie

Het zou interessant zijn om de oude beekloop en positie van de molen, zoals aangegeven in de kaart uit 1669, te kunnen achterhalen.

Erfgoedstatus

Geen.

Foto’s van oude en huidige situatie

Onbekend.