02 - 07 - 2020
IJsvogel Oktober 2018 (Nel Appelmelk)
Artikelindex
Bezoekers teller vanaf de 16de december 2018
VandaagVandaag43
GisterenGisteren123
Deze weekDeze week486
Deze maandDeze maand166
Alle dagenAlle dagen32790
Taal/ Language/ Langue /Sprache

Paragraaf index

39 De papiermolen van Dries Cornelis bij Het Loo

Geschiedenis van de molen

Zowel Reinier Hardonk (Bron 2) als professor L. Aardoom (bron 21) hebben de geschiedenis van deze molen beschreven. Zij heeft echter niet lang bestaan.

In 1641 verpachtte Diederik van Stepraedt de ‘moolenbeecke ofte het waeter loopende nae die pampierenmoelen bij Jan Adams huijs liggende’ aan Dries Cornelis.
Dit lijkt erop te wijzen dat Dries Cornelis een bestaande papiermolen van een eerdere pachter betrok en dat hij mocht proberen het verval vanaf de bovenstrooms gelegen korenmolen beter te benutten. Er was echter ook een uitdrukkelijke clausule dat de benedenstroomse papiermolen (van 1629 bij de Zwolseweg) zijn terrein ‘niemmermeer’ zou mogen ophogen. Dit lijkt erop te wijzen dat zoiets wel eens eerder was gebeurd en dat een mogelijke voorganger van Dries Cornelis daar last van had gehad.
De zoon en opvolger van Dries Cornelis, Cornelis Driessen, moest de molen rond het jaar 1685 af laten breken. De reden hiervoor was dat de watertoevoer, door de aanleg van de tuinen achter Het Loo in de jaren 1685 en volgende, stagneerde.

Geografische positie en bereikbaarheid

Het bovenstaande kaartje was, zoals Hardonk al meldde in grote lijnen juist. Hardonk heeft het kaartje waarschijnlijk pas kunnen maken na het voltooien van zijn boek Koornmullenaers Pampiermaeckers en Coperslaghers in 1968 (Bron 2). Op de kaart in dat boek heeft hij de positie van de twee papiermolens van 1629 en van 1641 niet goed kunnen inschatten. Een betere plaatsbepaling is door Professor L. Aardoom gedaan. Zijn betoog is te vinden in het artikel De Noord-Apeldoornse papiermolens van 1629 en 1641 in het blad van Felua 6 september 2008 (Bron 21).

In een rekening over 1694 schreef de rentmeester van Het Loo dat voor de pachtboer Jan Jacobs, die had moeten wijken voor de aanleg van de tuinen, een nieuw huis was gebouwd ‘voor het Jaghthuijs op de plaets daer Cornelis Driessen sijn huijs en pampiermolen bij t' afnemen van t' water afgebroocken heeft’.

Dries Cornelis' molen moet westelijk van het jachthuis, aan de tegenwoordige Molenweg, hebben gestaan. Die Molenweg zal in die tijd al hebben gelegen langs de sloot die nu nog naar de voormalige molenplaats aan de Zwolseweg loopt en die toen als bovenbeek van Evert Toenissen, respectievelijk onderbeek van Dries Cornelis moet hebben gediend.

Voor de plaats van Dries Cornelis’ molen komen we dan uit direct westelijk van het einde van de Tuinmanslaan, waarschijnlijk op de hoek. Misschien herinnert het opmerkelijk grote verval van de huidige beek bij de brug aan het einde van de Tuinmanslaan nog aan de molen van Dries Cornelis. Deze stond dan slechts 200 meter van waar Moerman en Hardonk - op goed geluk? - de molen van Evert Toenissen situeerden.

 

GE papiermolens1 2De geografische positie van papiermolen 2 was ongeveer 52°14'18.30"N 5°56'59.12"O

 

HA koningsbeekOp de kaart van Hardonk is de molen aangegeven als nr. 7

 

kaart koningsbeekOp deze overzichtskaart (Bron 1) van het gebied bij Het Loo zijn de volgende locaties aangegeven:


Grachten van het Oude Loo (1)
De Witte Graaf" (2)
Bovenste Papiermolen (3)
Middelste Papiermolen (4)
Onderste Papiermolen (5) ook wel de Papiermolen op Velthuizen
Paleistuin (6)
De Oude Sprengen (7)
De Nieuwe Sprengen (8)
De Concordiasprengen (9)
De Paraplusprengen (10)
Het ‘Kanaal’ (11)
De beide parkvijvers (11)
Veldvijvers (12)
De Stadhoudersmolen (14)
Herbouwde korenmolen van het Loo (15). In 1884 werd op het dak een windmolen toegevoegd.
De Nieuwe Vijver of Forellenvijver (16)
De Hoge Vijver of Beeldenvijver (17)

 pap1

De papiermolens van 1629 en 1641, behorende bij het Oude Loo
Kopie naar een schetskaartje door een onbekende tekenaar, waarop de ligging van de in 1629 en 1641 op de beek van het Oude Loo gestichte papiermolens staat aangegeven.
De daarvoor vereiste beekomleggingen zijn op het kaartje duidelijk te zien.
ten behoeve van de stichting van de molen van 1629 heeft men de "Loosche beek 1612" bij Peter Jans brugge afgeleid door een dan gegraven "nieuwe beek 1629" en deze met een scherpe bocht geleid naar de plek, waar de papiermolen kwam te liggen.
Voor de molen van 1641 is weer een nieuwe bedding gemaakt, die in 1644 "nieuw gegraven" heet.
De op het kaartje genoemde "Oliemolenstraat" heeft te maken met de in 1547 vermelde oliemolen van het Oude Loo.
De "allée" geheel links heeft te maken met de toenmalige laan of allee naar het Oude Loo.
De "Hooge weg" heet thans Koningsstraat; de "Welmersweg" is vermoedelijk de huidige Loseweg tussen het Posthuis en de Tuinmanslaan.
Het kaartje zal in grote lijnen wel juist zijn.
De beide waterpapiermolens kwamen bij de aankoop van het (Oude) Loo in 1684.
Bron: Archief Hardonk - CODA

Het kaartje was, zoals Hardonk al meldde in grote lijnen wel juist, maar de jaartallen bij de twee papiermolens boven in het kaartje lijken omgewisseld te zijn. De molen bij de Olymoelen straedt, de latere Zwolseweg is namelijk pas in 1649 opgericht.

Huidige situatie

Er zijn geen restanten van de molen meer te vinden. Op de plek van de molen staan nu enkele gebouwen aan het eind van de Tuinmanslaan.

Bouwgeschiedenis (evt. tijd en reden voor afbraak)

De molen heeft waarschijnlijk al enige tijd voor 1649 bestaan maar daar zijn geen actes van.
In 1641 is bekend dat zij in bdrijf genomen is.
In 1685 is zij afgebroken.
In 1694 is er op de plek van de molen een huis voor ene Jan Jacobs gebouwd.

Erfgoed ontwikkelings potentie

Niet van toepassing.

Erfgoedstatus

Niet van toepassing.

Foto’s van oude en huidige situatie

molenweg 2017

‘De graeff off sloodt’ langs de Molenweg, eertijds onderbeek voor Dries Cornelis en bovenbeek voor Evert Toenissen. Foto Henk Weltje - 2017

verval tuinmanslaan

Het grote verval bij het einde van de Tuinmanslaan, een relict van Dries Cornelis’ voormalige molenplaats. Bron 21 -  Foto L. Aardoom.